Verzamelen van gegevens
Scholen verzamelen veel leerlinggegevens. Het verzamelen van deze gegevens kan op veel verschillende manieren. De Onderwijsraad (2008) geeft aan dat vooral het leerlingvolgsysteem en toetsen worden gebruikt om tekorten vast te stellen. Vrijwel alle basisscholen gebruiken deze instrumenten. Ook observaties door leraren zijn belangrijk. 

Oberon (2008) onderscheidt drie manieren waarop scholen leerlingresultaten in beeld brengen:

  1. Toetsen, methodegebonden en methode-onafhankelijk, meestal uit een leerlingvolgsysteem.
  2. Leerlingvolgsysteem voor het meten van de sociaal-emotionele ontwikkeling.
  3. Observaties door leerkrachten.

Ledoux et al. (2009) melden daarentegen dat scholen toetsen vanuit leerlingvolgsystemen vooral en vrijwel altijd gebruiken voor lezen en rekenen, maar nog relatief weinig voor andere leerdomeinen. Ook uit onderzoek van SLO (2009) blijkt dat maar weinig scholen de sociaal-emotionele ontwikkeling leerlingen op systematische wijze volgen. Ook reflecteren scholen doorgaans niet op de vraag of men weet wat men moet of wil weten en hoe dat het beste achterhaald kan worden.

Aandachtspunten

  • Bedenk welke informatie verzameld moet worden en hoe deze het beste verzameld kan worden. Welke informatie je verzamelt en de manier waarop je dat doet hangt sterk samen met de gestelde doelen en het soort informatie. (Bijvoorbeeld informatie over leerlingvorderingen op het gebied van spelling kan via een toets verzameld worden.
    Als het gaat om of leerlingen genoeg uitgedaagd worden bij het spellingonderwijs of faalangstig zijn is een andere manier van informatie verzamelen nodig, denk bijvoorbeeld aan een enquête of diagnostisch gesprek.)
  • Wees je bewust van de tekortkomingen van de manier van informatie verzamelen en verzamel indien nodig aanvullende informatie (bijvoorbeeld een spellingtoets geeft alleen informatie over de woorden die daarin aan bod komen. Voor het verzamelen van informatie over of leerlingen ook hun eigen teksten zonder fouten kunnen schrijven zal er aanvullende informatie verkregen moeten worden, bijvoorbeeld door een schrijfopdracht met reflectie).
  • Voorkom dat verkeerde (dat wil zeggen informatie dat niet past bij het gestelde doel), vage of onbetrouwbare informatie aanleiding zijn tot het nemen van onjuiste beslissingen. Verzamel daarom regelmatig en op diverse manieren (bijvoorbeeld toetsgegevens en leerkrachtobservaties).
  • Verzamel informatie gericht, als er niks met de informatie gedaan wordt is het de vraag of de informatie in de eerste instantie verzameld had moeten worden. Bovendien moet er tijd zijn om de volgende stappen van de evaluatieve cyclus te doorlopen.