Voorbeeld leidraad observatie instructiekwaliteit

Aandachtspunten

  1. Ga bij elke (nieuwe) spellingcategorie die je aanbiedt na welke strategie of denkwijze daarbij hoort en biedt deze stap voor stap aan.
  2. Stel je instructie centraal. Leer de denkwijze expliciet aan, dat wil zeggen:
    • activeer voorkennis
    • leer de denkwijze aan met voorbeeldgedrag
    • laat de leerlingen de handeling meedoen en vervolgens zelf doen
    • besteed expliciet aandacht aan vorm, strategie en ordening
    • zorg voor ondersteuning (verschillende kanalen: auditief, visueel, motorisch)
    • zorg voor directe feedback.
  3. Kijk kritisch naar de verwerkingsoefeningen in de methode. Deze zijn niet altijd effectief. De oefeningen richten zich niet altijd op het expliciet hanteren van de aangeleerde denkwijze. Vervang deze oefening zo nodig door een eigen oefening, bijvoorbeeld een dictee.
  4. Ga na welke ondersteuning (visueel, auditief, motorisch) je kunt inzetten.
  5. Wees als team consistent in je begrippenkader (lange klank, klankstuk, enzovoort).
  6. Verbeter fouten in dictees en oefeningen meteen, bespreek deze en ga na wat de oorzaak van de fout is.
  7. Herhaal spellingcategorieën die eerder aan bod zijn gekomen. Herhaal de denkstappen van elke categorie met de leerlingen, liefst elke dag. Vervang de oefeningen uit de methode regelmatig door een dictee waarin verschillende spellingcategorieën door elkaar aan bod komen.
  8. Bereid je tijdig voor op methodegebonden toetsen en/of methode-onafhankelijke (Cito)toetsen: welke spellingcategorieën vragen nog om extra aandacht?
  9. Leer van de resultaten op de toetsen. Welke spellingcategorieën werden door veel leerlingen fout gemaakt? Wat kun je daarvan leren?
  10. Laat de nieuwe spellingcategorie terugkomen in andere onderwijsactiviteiten
    (bij stellen en taalbeschouwing, bij andere vakken) en stimuleer een positieve spellingattitude.